Cases


conflict tussen aandeelhouders

de achtergrond

Je kan er echt bang voor zijn. Je bent ooit met de beste bedoelingen, misschien wel met een familielid of je beste vriend, een bedrijf gestart en vanzelfsprekend doe je dat op basis van en 50 / 50 verdeling van de aandelen. Zo overkwam het ook Joop, inmiddels ver in de 70 en in zijn beste jaren een vooraanstaand architect die in Nederland maar ook daarbuiten grote projecten realiseerde.

Joop had een aantal jaren geleden een super uitvinding met een innovatief bouwsysteem gedaan. Met dit systeem kan je huizen, kantoren, fabrieksgebouwen veel sneller, veel goedkoper en een energiebesparing waar je u tegen zegt. Een echt veelbelovend systeem en Joop had al aanvragen vanuit heel de wereld. Joop had de volledige patentrechten op zijn eigen naam staan en was twee jaar geleden (op 50/50 basis) een vennootschap gestart met Frits, die het bouwsysteem wereldwijd kon verkopen. Met deze vennootschap had Joop een exclusieve overeenkomst gesloten dat deze het patent ging kopen. Daarmee was de toekomst van Joop en zijn pensioen helemaal verzekerd. Althans, dat was de bedoeling.

de uitdaging

Joop zijn droom op een riant pensioen en een goed leven viel hard in duigen. Frits bleek namelijk een fantast en absoluut niet in staat om iets fatsoenlijks van het bedrijf terecht te brengen. Bovendien was Joop wijs gemaakt dat de financiering voor de aankoop van het patent in orde zou zijn en toen het erop aankwam bleek dit niet het geval te zijn.

Joop zat vanaf dat moment wel met een groot probleem want hij had een exclusieve overeenkomst met Frits dat hij het patent alleen aan het gezamenlijke bedrijf zou verkopen, tegen de op dat moment geldende waarde. Een enorm conflict diende zich aan. Joop wilde een normale prijs voor het patent, want het was immers zijn pensioen. Frits wilde en kon niets betalen en de vennootschap zat zwaar in de verliezen. Frits eiste echter van Joop dat hij eigenaar zou worden van het patent want pas als hij eigenaar was kon hij financiering krijgen. Naast het persoonlijke conflict dat zich voltrok tussen de aandeelhouders, ontstond ook een kip en ei discussie. Frits voelde zich zo gesterkt door de overeenkomst die Joop had gesloten, dat hij beslag liet leggen op het patent, zodat Joop het aan niemand anders zou kunnen verkopen. Een juridische procedure was onvermijdelijk. Tot Joop mij belde en om een gesprek vroeg.

Conflict tussen twee statutair directeuren en de bank

de achtergrond

Stel je voor. Je hebt een kleine soepfabriek van biologische soepen in het noorden van het land, in een oud pand, met weinig klanten, je bent exclusief maar duur en je moet gaan groeien. Wat doe je dan? Je gaat op zoek naar een partner die geld en omzet kan inbrengen. Dit was voor Mike zo gedaan. Mike, die het biologische in zijn producten tot in alle details doorvoerde, vond een in zijn ogen perfecte partner in Frank, die niet alleen een vreselijk grote mond had, maar ogenschijnlijk ook een hoop geld en een vriend met voldoende contacten in de supermarkten die deze bijzondere kon gaan verkopen. Een deal was zo gesloten en Mike en Frank leken vrienden voor het leven. De afspraak werd gemaakt dat beiden aandeelhouder en statutair directeur zouden worden, maandelijks dezelfde managementfee zouden hebben en dat Mike de productie zou gaan leiden en Frank de verkoop. Het maakte voor Frank niet uit dat hij in Roermond woonde en het bedrijf bovenin Groningen was. Frank hield van autorijden en zijn klanten zaten toch door het hele land.

de uitdaging

De afspraak werd gemaakt dat beiden aandeelhouder en statutair directeur zouden worden, maandelijks dezelfde managementfee zouden hebben en dat Mike de productie zou gaan leiden en Frank de verkoop. Het maakte voor Frank niet uit dat hij in Roermond woonde en het bedrijf bovenin Groningen was. Frank hield van autorijden en zijn klanten zaten toch door het hele land.

Het bedrijf liep als een trein en maakte superwinsten. Er werd fors met geld van Frank geinvesteerd en Mike ontdekte steeds betere soepen. De soepen van dit bedrijf kon je inmiddels overal kopen. Bij alle supermarkten in Nederland en ook ver daarbuiten. Frank en Mike vonden het niet nodig om hun onderline afspraken op papier te zetten, ondanks dat de accountant daar wel op aandrong. Al dat gezeur met die papieren was het antwoord.

Het liep gesmeerd. Beiden hadden hun nek uitgestoken bij de bank en waren persoonlijk borg gaan staan. Mike deed de boekhouding en die had dat in de ogen van Frank goed onder controle. Frank schrok zich echter een hoedje toen hij op een ochtend een aangetekende brief kreeg van de bank dat het krediet werd opgezegd omdat er malversaties waren gepleegd door Mike. Die had namelijk een deel van de inventaris verkocht, zonder dit met de bank als pandhouder en met Frank als mede eigenaar af te stemmen. En je zal het geloven of niet: hij had de inventaris verkocht aan een concurrent en de opbrengst in eigen zak gestoken.

Vanaf dat moment was het bijna letterlijk oorlog tussen Mike en Frank. De bank ging door met de kredietopzegging en sprak Frank, die niet debet was aan deze ellende, aan op zijn borgstelling.

Conflict tussen een curator en een schuldeiser

de achtergrond

Ik kom met regelmaat in aanraking en soms in aanvaring met curatoren, die bij ondernemers het bloed onder de nagels vandaan kunnen halen. De curator, (zo staat het in de faillissementswet) is er in het belang van de crediteuren, maar wat moet je doen als de curator vanaf het allereerste begin dikke vrienden wordt met de direkteur van het failliette bedrijf en weigert om een onderzoek naar bestuurdersaansprakelijkheid te starten, terwijl je weet dat de failliette directeur flink zijn zakken heeft gevuld?

de uitdaging

Dit overkwam een bekende groothandel in vlees, die voor ca. € 500.000,00 schade opliep, waarbij zij aantoonbare bewijzen had dat de direkteur van het failliette bedrijf (ook een groothandel) een aantal maanden voor het faillissement vele tonnen naar privé had gesluisd. Telefoontjes, mails en brieven hierover naar de curator en zelfs naar de rechter-commissaris hadden geen enkele zin en bleven zelfs onbeantwoord.

Conflict met de bank en de belastingdienst

de achtergrond

Soms kom je als ondernemer in een situatie terecht dat het erop of eronder wordt. Dit overkwam Robert, een makelaar in schepen, bij wie het echt allemaal tegenzat. Een lastige echtscheiding, de economische crisis die ervoor zorgde dat de omzet ernstig terugliep, burn-out, het bedrijf dat verlies op verlies maakte, de bank die niet meer vooruit of achteruit wilde en oplopende belastingschulden. Conflict op conflict dus dat zich opstapelde en Robert zag het echt niet meer zitten. Via zijn broer kwam hij bij mij terecht en ik verbaasde me erover dat het met iemand zo snel bergafwaarts kan gaan.

de uitdaging

Robert had overduidelijk een groot innerlijk conflict dat zich naar buiten toe manifesteerde. Hij had inmiddels twee advocaten voor zich aan het werk om alle conflicten met iedereen (ook zijn ex vrouw en de belastingdienst) op te lossen. De bank had het krediet opgezegd en wilde de zekerheden gaan uitwinnen en de belastingdienst had beslag gelegd op het pand waarin hij zijn bedrijf uitoefende en ook woonde.

Eén advocaat was al een jaar lang aan het procederen tegen de fiscus, maar kwam geen stap verder. Het werd de hoogste tijd voor actie en ik ben begonnen om de bank aan te spreken op haar doorfinancieringsplicht, die voortvloeit uit haar zorgplicht. Immers, als je als bank een jarenlange goede relatie met een bedrijf hebt kan je niet zonder slag of stoot het krediet opzeggen. Dan moet je op z’n minst een langere tijd gunnen om een nieuwe financier te zoeken of zaken op orde te stellen. Gelukkig durfde de bank een confrontatie hierover niet aan en financierde zij door.

Andere koek was de belastingdienst, die wat de vordering betrof volledig in haar recht stond, maar niet bereid was om Robert verder uitstel te geven. Een executie van het bedrijfspand stond gelijk met zelfmoord en zou de bank direct de stok in handen geven om alsnog het krediet op te gaan eisen. Zo is het immers in de meeste algemene bankvoorwaarden geregeld. Nadat er diverse procedures tegen de fiscus waren verloren kwam het er voor Robert wel op aan. Ofwel er kwam een einde aan het conflict met de fiscus en de bank of er restte niets anders dan het faillissement aan te vragen.

de aanpak

Ik heb dit hele probleem op de mijn eigen wijze opgelost. Met de bank zijn harde herstelafspraken gemaakt en ook de afspraak dat als de ultieme kans zich voordoet, Robert zijn hele bedrijf gaat verkopen. Tot dat moment blijft de bank financieren en is bereid om een afkoopsom aan de fiscus te financieren. Dat schept tenminste ruimte en lucht. Het conflict met de belastingdienst is opgelost door de helft te betalen tot finale kwijting en deze afkoopsom is door de bank gefinancierd.

het resultaat

Ik zie het ongeloof van Robert nog steeds toen er binnen 43 minuten overeenstemming was met de fiscus en een week later ook het conflict met de bank was beeindigd. Het grootste compliment dat Robert mij gaf was zijn opmerking: “man, jij kan toveren”.